Peaceful view of an autumn city park with a calm lake and golden trees lining the path.

Grenzen aangeven: Waarom is dit belangrijk?

Grenzen aangeven vind ik een mooi en belangrijk onderwerp en ik merk in mijn coaching praktijk dat veel mensen er moeite mee hebben. Daarom vind ik het leuk en belangrijk om hierover een blog te maken.


Eerst wil ik beginnen met de vraag waarom ik het soms zo lastig is om grenzen aan te geven. Iedereen heeft hier denk ik in meer of mindere mate last van. Ik zelf natuurlijk ook. Gelukkig word ik er wel steeds beter in want ik denk dat je hierin veel kunt leren. Beter grenzen aangeven heeft mij gebracht dat ik meer tijd en energie overhoud voor de dingen die ik echt leuk en belangrijk vindt. Ook heeft het mij geholpen dichter bij mezelf te blijven en beter naar mezelf te luisteren. Daarom ga ik in deze podcast ook in op hoe je beter je grenzen kan leren aangeven.


Allereerst: Waarom is het lastig grenzen aan te geven voor veel mensen?
Het heeft te maken met onze psychologische behoefte om ergens bij te horen. Je wil graag dat mensen je aardig vinden. Hieronder zit de angst buitengesloten te worden. Je hebt andere mensen nodig om jezelf te worden. Zeker vroeger had je ook andere mensen nodig  om te kunnen overleven. Er is veel psychologisch onderzoek gedaan naar hoe een mens zich verhoudt tot een groep; de sociale psychologie. Ik heb daar in mijn studie toepaste psychologie veel over gelezen en ben altijd verbaast over hoe ver mensen gaan om erbij te mogen horen. Er zijn experimenten waarin mensen een duidelijk verkeerd antwoord gaven op vragen alleen maar omdat de rest van de groep dit ook deed. Hun eigen wijsheid telde niet meer mee, liever dat dan een uitzondering op de groep zijn. Herken je dat? Ben je ook wel eens  in een situatie geweest dat je dacht: laat ik maar niet zeggen wat ik nu zelf denk of vind want dat is zo anders dan de rest. Wat zullen ze daarvan vinden?
 Ik word door jou van Buber of Levinas; ik word in het aangezicht van de ander. Sociale contacten zijn superbelangrijk voor ons mensen. Het helpt je om jezelf beter te leren kennen. Je wil er dus graag bij horen en geliefd worden. Bij grenzen aangeven, baken je jezelf juist af. Je zegt daarmee: dit is waar ik voor sta en nu ben je mijn grens over gegaan.
Het is een misvatting te denken dat wanneer je grenzen aangeeft, je daarmee de liefde van de ander verspild. Hier ga ik later nog dieper op in. Probeer nu jezelf te bevragen: wanneer je merkt dat je het lastig vind om een grens aan te geven. Wat zit daaronder? Vraag je je af of de ander het zal accepteren? Of ben je bang dat de ander je dan niet meer aardig vindt? Of je wellicht niet nog eens zal uitnodigen? Ga eens bij jezelf te raden, dat kan je een hoop inzicht geven. Zet deze podcast gerust even stil.
Edith Eger een Auschwitz overlevende zegt: de behoefte aan goedkeuring van buitenaf is de grootste vijand voor jouw zelfactualisatie: (wie ben ik? Wat vind ik? Wat is belangrijk voor mij?)
Ik denk dat dit klopt: Als je goedkeuring van de ander belangrijk vind, ben je geneigd om jezelf aan te passen. Als je jezelf gaat aanpassen, onderdruk je wat jij belangrijk vind, wat jij graag zou willen.
Best ingewikkeld eigenlijk; aan de ene kant heb je de ander nodig om jezelf te zijn aan de andere kant kan de wens om de ander te pleasen je tegenhouden om jezelf te zijn. Hoe  ervaar jij dat? In hoeverre leer jij jezelf kennen door contact met anderen en in hoeverre verlies jij jezelf weer door dit please gedrag?


Wat mij helpt om het wel of niet kunnen aangeven van grenzen beter te begrijpen is het contextuele gedachtengoed van Nagy. Loyaliteiten nemen daarin een belangrijke rol: De verticale loyaliteit gaat over loyaliteit aan je afkomst: aan je ouders. Een kind is heel loyaal aan zijn ouders; van hen heeft hij het leven ontvangen. Kinderen voelen haarfijn aan wat ouders belangrijk vinden en van hen verwachten. Ze willen graag gezien en geliefd worden vooral door hun ouders. Ouders kunnen hen hen beste bevestigen in wie ze zijn. De liefde van de ouders is zo een sterkte drijfveer voor kinderen dat ze geneigd zijn daar hun eigenheid voor op te geven als dat nodig is. Maar op een gegeven moment moet je losmaken van je ouders en je eigen weg gaan. Je moet je eigen talenten en waarden gaan ontdekken en je eigen leven gaan leiden. Dan zul je ook grenzen moeten aangeven; het moeten durven om het anders te doen dan je ouders willen om daarmee loyaal te zijn aan jezelf. Ik weet ik nog goed dat mijn moeder de sportacademie een slecht idee van mij vond. Dat was vervelen. Ergens wilde ik ook wel haar goedkeuring hebben. Ook had ik de gedachte dat sommige mensen het stom vonden dat je met een VWO diploma naar het HBO ging. Ik heb echt voor mezelf moeten gaan staan: ik hou van bewegen en dit lijkt me een mooie en leuke studie. Daarna altijd bezig mogen zijn met bewegen en leren paste ook heel goed bij  mij. Ik ben nog steeds blij  dat ik toentertijd achter mijn keuze ben blijven staan en dit heb doorgezet. Ik wist gewoon dat dit belangrijk en passend voor mij was.


Loyaal zijn aan je zelf, noem je de zijnsloyaliteit. Wat ik een mooie naam vind: Mag je zijn wie je ten diepste bent? Dat heeft alles te maken met grenzen aangeven: kun jij gaan staan voor wat jij belangrijk vindt en daarin dus ook aangeven wat je niet wilt. Staan voor wat je belangrijk vind, heeft ook te maken met keuzes maken wat ook zeker te maken heeft met grenzen. Als je overal ja op zegt, heb je ook minder tijd en ruimte over voor hetgeen je zelf echt belangrijk vindt. Herken je het dat je soms zo geleefd wordt dat er nauwelijks tijd over blijft voor de dingen die jou energie geven?


Hoe zorg je voor jezelf? Hoeveel vind jij jezelf waard? Dat zijn belangrijke vragen om bij stil te staan. Dit heeft absoluut te maken met of je wel of niet in staat bent om je grenzen aan te geven. Als je altijd denkt dat iemand anders meer waard is dan jij zul je eerder nadenken over hoe de ander het gaat ervaren als jij nee zegt. Mag je voor jezelf kiezen of heb je al snel het gevoel dat jij niet zo belangrijk bent en zet je al snel het belang van de ander voorop.  Zet mij gerust even uit om hierop te kauwen.
Soms ben je je hier helemaal niet van bewust. Je ben dan wellicht zo sensitief voor de mensen om je heen dat het je eerste natuur is om aan te voelen hoe anderen zich voelen dat je nauwelijks bij je eigen gevoel stilstaat. Ik moet denken aan een oefening die ik  tijdens een coaching sessie deed. Ik liep op de client af en zij moest aanvoelen waar voor haar de grens lag hoe dichtbij ik mocht komen. Later gaf ze terug dat dit voor haar echt een inzicht had gegeven. Ze zei: ik betrapte me erop dat ik in plaats van stop zeggen, ging nadenken over hoe het voor jou zou zijn om stop te horen. Of ik dat niet onprettig zou vinden. Ze besefte dat dit eigenlijk vaak zo ging bij haar. Ze kon wel aanvoelen waar de grens voor haar lag maar ging dan naar haar hoofd om te bedenken hoe dit voor de ander zou zijn.


Ik denk dat het heel belangrijk is dat je gaat luisteren naar je lijf ook wat betreft grenzen aangeven. Je kunt dit zeker als je ermee oefent, heel goed in je lijf voelen. Nu is dit niet voor iedereen even makkelijk. Ik zelf heb als kind al jong geleerd mijn gevoel te onderdrukken. Dat was op dat moment nodig. Dit heeft me absoluut moeite gekost om weer opnieuw te luisteren naar mijn lijf en mijn gevoel serieus te nemen. Ik ga daar nu niet verder op in want over dat onderwerp kan ik zo een hele podcast maken. Wellicht doe ik dat later nog.


Nog een belangrijk principe van het contextuele gedachtengoed is: Geven en ontvangen in relaties moeten in balans zijn. Het kan best even tijdelijk niet in balans zijn maar uiteindelijk moet in een gezonde, gelijkwaardige relatie de balans wel hersteld  worden. Als jij alleen maar je vrienden helpt en er komt nooit wat terug, gaat dit wringen, dat herken je vast wel. Dat is ook zo andersom, het voelt niet fijn als je nooit iets terug kan doen. Het is zelfs zo dat je kunt geven door te ontvangen. Ik heb pas een mooi bloemstuk gemaakt voor iemand anders. Dat zij dit mooi vond en er blij mee was, deed mij ook goed. Het bevestigde mij dat ik iets te geven heb en dat ik goed ben in het maken van bloemstukken. Het doet  dus  wat met je eigenwaarde als hetgeen wat je geeft ook goed ontvangen wordt. Als iemand je daar dan hartelijk en welgemeend voor bedankt, geeft deze persoon je hiermee ook wat terug.
Wat heeft dit nu te maken met grenzen stellen? Het kan zijn dat jij bijvoorbeeld gewend bent om vooral te geven. Waarschijnlijk heb jij  dat vroeger als kind al zo geleerd: was het bijvoorbeeld hard nodig in jouw gezin om bijvoorbeeld je ouders veel te helpen en vooral lief te zijn. Dat kan dan een patroon worden en nu doe je dat nog steeds. Je weet niet beter maar daardoor is het moeilijker om je grens aan te geven. Hoe was dat vroeger bij jou? Hoe gaf jij aan je ouders? Werd dit wel of niet ontvangen? Sta daar maar eens even bij stil. Hoe is dat nu? Hoe geef jij nu aan de mensen om je heen? Wat vind je daarbij belangrijk? Hoe heb je dit vroeger geleerd?


Je hebt in je opvoeding van je ouders waarden meegekregen. Vaak zijn deze helpend; in mijn gezin was eerlijkheid bijvoorbeeld belangrijk. Dat vind ik nog steeds een mooie waarde en hierna probeer ik nog steeds te leven en dit ook door te geven aan mijn kinderen. Een andere waarde in mijn familie was ‘hard werken’: eerst moest al het werk gedaan worden voordat er tijd was voor wat leuks/ontspanning. Deze waarde is niet goed voor mij. Ik was nogal een workaholic en vond het moeilijk om mezelf de tijd te gunnen om te ontspannen. Nu begrijp ik dat het belangrijk is om een goede balans te hebben en nu zie ik dat deze waarde niet goed voor mij is en heb ik dit patroon moeten veranderen.


Tips: Het is goed om te onderzoeken hoe jij als kind  geleerd hebt om wel of niet grenzen aan te geven Hoe gaven je ouders hun eigen grenzen aan? Wat waren de waarden daarin thuis? Werden jouw grenzen gerespecteerd? Hoe heb jij geleerd wel/niet te geven? Hoe doe je dit nu nog? Bewustwording is het begin van verandering dus het is goed om even terug in de tijd te gaan. Veel patronen komen voort uit je kindertijd.
Zorg ervoor dat je goed weet wat jouw waardes zijn en wat jij belangrijk vindt en leg je keuzes hier ook naast. Zo kun je voor jezelf ook goed onderbouwen waarom je tegen bepaalde dingen nee zegt. Als je een angst voelt om te communiceren; doe het dan toch, vaak geeft het juist een verdieping in de relatie. Als dat niet het geval is, kun je je afvragen of iemand wel echt geïnteresseerd is in jou.
Tot nu toe heb je veel theorie gedeeld en je ook bevraagd op hoe dit voor jou is. Dit helpt om inzicht te krijgen in je eigen overtuigingen en gedrag. Uiteindelijk helpt dat om te veranderen. Nu ga ik wat meer directe tips geven hoe je beter grenzen kunt gaan aangeven. Deze kun je direct gaan toepassen.


Je grenzen kun je voelen in je lijf. Neem hier dan ook de  tijd voor: luister naar je lijf; hoe reageert het op de vraag; voel je spanning in je spieren? Krijg je het er benauwd van? Gaat je ademhaling naar je borst? Allemaal tekenen dat je jezelf er niet comfortabel bij voelt. Probeer desnoods even wat tijd te winnen door bijvoorbeeld te zeggen; Bedankt voor je vraag, hier moet ik echt even goed over nadenken, ik kom er morgen bij je op terug. Dat geeft je de kans echt even goed luisteren naar je lijf en ook te bedenken wat maakt dat je je er niet comfortabel bij voelt bijvoorbeeld. Wat zit daaronder? Matcht de vraag niet met jouw waardes of heb je er simpelweg geen tijd voor? Dat kost soms best even tijd om hier achter te komen. Gun jezelf die tijd!
Verdiep jezelf ook in het  wereldbeeld van de ander: je kunt geen gedachtenlezen dus vraag ernaar. Denk niet voor de ander: ik moet wel helpen want anders lukt het haar niet maar vraag door.
Ga niet vanuit je emotie reageren, hou het bij jezelf: ik heb het gevoel dat je mij niet serieus neemt, ik merk dat ik er onzeker van wordt als je steeds onze afspraken verzet. Wat is je echte  boosheid/frustratie? Wat zit erachter? Misschien wel omdat je boos bent omdat het al de zoveelste keer is en dat je hier steeds nooit wat van durft te zeggen.


Bedenk dat als je steeds over je eigen grens gaat door toch ja te zeggen tegen bijvoorbeeld een vriendin je op een gegeven moment ook boos kan worden op de ander. Je herkent het vast wel dat je weleens denk: ja jij bent mooi makkelijk en nou moet ik het oplossen. Bedenk jezelf  dan dat je ook nee had kunnen zeggen. Jij bent verantwoordelijk voor je eigen grenzen. Daar kun je niet de ander van beschuldigen. Waarschijnlijk heeft je vriendin niet eens in de gaten dat je het eigenlijk niet wilt. Dat is wat jij moet aangeven! Het doet dus ook wat met de relatie als jij niet eerlijk zegt dat jij het niet wil! Als je dat bedenkt, zeg je ook makkelijker nee. Je doet dit voor de vriendschap en jij bent zelf verantwoordelijk voor je eigen grens. Dat kan niemand voor jou bepalen.
Je kunt op een hele vriendelijke manier toch duidelijk maken dat je iets niet wil.  Geef aan waar je behoefte aan hebt. Nee bedankt, ik vind het heel fijn dat je aan me denkt maar ik hou niet van deze muziek. Ik hou meer van…..Of Ik vind het een eer dat je denkt dat ik dit goed zou kunnen organiseren. Ik kan dit ook wel maar hier liggen niet mijn interesses. Ik wil meer deze richting op. Dan kun je soms de mooiste gesprekken krijgen terwijl je er waarschijnlijk eerst tegenop zag.


Soms walsen mensen over je grenzen heen: dan moet je gewoon blijven herhalen. Vraag ook of het bij de ander echt geland is? Heeft de ander jou gehoord? Als iemand een grap erover maakt: dan weer terugleggen: Ik merk dat je er lollig over doet? Vind je het ongemakkelijk om het hierover te hebben? Dan hou je zo het gesprek weer gaande. In dit gesprek leer je ook jezelf weer veel beter kennen.
Je wilt jezelf beter leren kennen/jezelf ontwikkelen en daarin heb je de andere voor nodig en de grootste leerrendement ligt vaak op de grens. Het helpt om dat in je achterhoofd te houden.


Het feit dat je ermee bezig bent en eerlijk naar jezelf durft te kijken, gaat zeker wat in beweging brengen. Dus super dat je deze blog tot zover gelezen hebt. Ik moedig je aan om tot slot nog de komende twee weken deze oefening te doen: Kijk elke avond even terug om de dag en vraag jezelf af: wanneer vandaag heb ik ja gezegd terwijl ik eigenlijk nee had moeten zeggen? Wanneer ben ik mijn eigen grens over gegaan? Bekijk per situatie wat er meespeelde om toch ja te zeggen? Wilde je erbij horen? Wilde je aardig zijn? Werd je overrompeld door de vraag? Nam je je gevoel niet serieus? Kwam de vraag van je baas of leidinggevende? Zo kom je er steeds meer achter in welke situaties je jezelf niet serieus neemt en ben je beter in staat om de volgende keer wel nee te zeggen.

Ik wens je veel succes en ook plezier om te groeien in het aangeven van grenzen!